ECLI:NL:CRVB:2013:1201
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gedeeltelijke ontheffing arbeidsverplichtingen op grond van WWB
Appellant, een bijstandsgerechtigde op grond van de Wet werk en bijstand (WWB), werd door het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam gedeeltelijk ontheven van zijn arbeidsverplichtingen voor 20 uur per week, gebaseerd op een medisch en arbeidskundig onderzoek door het UWV in juni 2011. De eindrapportage van het UWV concludeerde dat appellant belastbaar is voor 20 uur reguliere arbeid per week, met diverse fysieke beperkingen.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit en stelde onder meer dat de verzekeringsarts onvoldoende informatie had ingewonnen bij zijn behandelend specialisten en dat zijn medische beperkingen niet juist waren vastgesteld. Ook voerde hij aan dat taalbarrières mogelijk communicatieproblemen veroorzaakten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV-onderzoek zorgvuldig, inzichtelijk en consistent was en dat de verzekeringsarts terecht geen contact hoefde te zoeken met de behandelend specialisten omdat voldoende medische informatie was meegebracht door appellant. De door appellant overgelegde medische verklaringen leidden niet tot een andere beoordeling van zijn belastbaarheid.
Ook een later besluit waarbij appellant tijdelijk ontheven werd van sollicitatieplicht, gebaseerd op een klantmanageradvies zonder medisch onderzoek, veranderde niets aan de uitkomst. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt afgewezen en gedeeltelijke ontheffing arbeidsverplichtingen van 20 uur per week blijft gehandhaafd.