ECLI:NL:CRVB:2013:1310
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.J. Schaap
- W.H. Bel
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Beoordeling omvang huishoudelijke hulp en rol voorliggende voorzieningen volgens Wmo
Appellante, bekend met het syndroom van Asperger en ernstig beperkt in zelfredzaamheid, heeft een pgb van 1 uur en 30 minuten huishoudelijke hulp per week toegekend gekregen door het college van burgemeester en wethouders van Sneek. Dit besluit werd gehandhaafd na bezwaar en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij onder meer oordeelde dat voorliggende voorzieningen zoals boodschappen- en maaltijdenservice en het ZZP een rol spelen.
In hoger beroep betoogde appellante dat de toegekende hulp onvoldoende is vanwege haar ernstige psychische beperkingen die intensieve begeleiding vereisen. Zij stelde dat voorliggende voorzieningen onvoldoende soelaas bieden en dat het ZZP geen huishoudelijke hulp omvat.
De Raad overweegt dat op grond van artikel 2 Wmo Pro geen aanspraak bestaat op maatschappelijke ondersteuning indien er een voorliggende voorziening is. Uit het CIZ-advies blijkt dat appellante huishoudelijke taken zelf kan verrichten, mits met begeleiding. De Raad bevestigt met de rechtbank dat het pgb van 1,5 uur per week, inclusief organisatiecomponent, voldoet aan het compensatiebeginsel. Daarbij is rekening gehouden met het ZZP als voorliggende voorziening die onder meer structurerende begeleiding biedt, evenals de boodschappen- en maaltijdenservice.
De Raad concludeert dat het beroep niet slaagt en bevestigt de aangevallen uitspraak. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de toegekende huishoudelijke hulp wordt bevestigd.