De zaak betreft hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage inzake een besluit van het UWV over de mate van arbeidsongeschiktheid van appellant. Bij een eerdere tussenuitspraak had de Raad geoordeeld dat het UWV een gebrek in de motivering van het besluit moest herstellen, met name over de geschiktheid van de functie sorteerder, controleur.
Na overleg met de bezwaarverzekeringsarts heeft de bezwaararbeidsdeskundige de functie sorteerder, controleur vervangen door magazijn/expeditiemedewerker, met een uitgebreide motivering waarom deze functie passend is. Appellant voerde aan dat trillingen bij het gebruik van een elektrische hefwagen medisch onverantwoord zijn en dat hij niet voldoet aan het gevraagde opleidingsniveau.
De bezwaararbeidsdeskundige stelde dat er geen trillingsbelasting is in de functie en dat het opleidingsniveau van appellant gelijkgesteld kan worden met voltooid basisonderwijs, passend bij functieniveau 2. De Raad acht het gebrek in het besluit hersteld, oordeelt dat het UWV niet verplicht was functies op niveau 1 te duiden en vernietigt het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak. De rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten van appellant.