ECLI:NL:CRVB:2013:1330
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herhaalde aanvraag WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant, voormalig afvalsorteerder, had sinds 1993 een WAO-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid, welke in 2003 werd ingetrokken na een herbeoordeling. Na bezwaar en beroep stond deze intrekking in 2008 vast. Appellant deed vervolgens meerdere verzoeken om hernieuwde toekenning van de WAO-uitkering wegens vermeende toegenomen arbeidsongeschiktheid, die telkens werden afgewezen.
In de onderhavige procedure betoogde appellant dat nieuwe medische verklaringen een toename van zijn beperkingen aantonen. Het UWV stelde echter dat veel van deze verklaringen reeds in het dossier aanwezig waren en dat de overige verklaringen inhoudelijk overeenkomen met eerder bekende medische gegevens. De Raad oordeelde dat deze verklaringen geen nieuwe feiten of omstandigheden vormen in de zin van artikel 4:6 Awb Pro.
De Raad benadrukte dat een bestuursorgaan een herhaalde aanvraag kan behandelen, maar dat de rechter zich moet beperken tot de vraag of er nieuwe feiten zijn die herziening rechtvaardigen. Gezien het ontbreken van nieuwe feiten bevestigde de Raad het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de herhaalde aanvraag voor een WAO-uitkering wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.