ECLI:NL:CRVB:2013:1561
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na toekenning WIA-uitkering op nieuwe grondslag
Appellant stelde hoger beroep in tegen een besluit van het UWV waarin een WIA-uitkering werd geweigerd met ingang van 3 januari 2011. Tijdens het proces diende appellant een nieuwe aanvraag in voor een WIA-uitkering. Het UWV besloot vervolgens op deze nieuwe aanvraag en kende een uitkering toe met ingang van 25 januari 2010, gebaseerd op een andere grondslag dan in het oorspronkelijke besluit.
Appellant trok daarop het hoger beroep in en verzocht om een proceskostenvergoeding. De Raad overwoog dat artikel 8:75a Awb alleen voorziet in proceskostenvergoeding indien het bestuursorgaan tegemoet is gekomen op het bestreden besluit. Nu het UWV niet is teruggekomen op het oorspronkelijke besluit maar een nieuwe aanvraag heeft toegekend, is geen sprake van tegemoetkoming op het bestreden besluit.
Daarom werd het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen. De Raad besloot dit zonder verdere zitting en maakte gebruik van artikel 21 Beroepswet Pro. De uitspraak werd gedaan door M.C. Bruning op 9 augustus 2013.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat de WIA-uitkering is toegekend op een nieuwe aanvraag en niet vanwege terugkomen op het bestreden besluit.