ECLI:NL:CRVB:2013:2082
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellante is wegens hoofdpijn, nek- en schouderklachten uitgevallen uit haar werk als administratief medewerkster en heeft een WIA-uitkering aangevraagd. Het UWV stelde vast dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is en wees de uitkering af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze beslissing ongegrond, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de vastgestelde beperkingen juist.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren en overhandigde aanvullende medische gegevens, waaronder uitslagen van de huisarts en rapportages over psychische klachten. De Raad stelde vast dat deze nieuwe gegevens geen nieuwe gezichtspunten boden die tot een ander oordeel konden leiden. De bezwaarverzekeringsarts bevestigde dat de medische beoordeling correct was en dat de psychische klachten niet relevant waren voor de datum van beoordeling.
De Centrale Raad van Beroep concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de WIA-uitkering wordt bevestigd.