ECLI:NL:CRVB:2013:2180
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen pensioenjaarinkomenbeslissing wegens privaatrechtelijk karakter
Appellant, een ambtenaar benoemd tot rechter, verzocht het bestuur van de rechtbank 's-Hertogenbosch om een hoger pensioengevend jaarinkomen door te geven aan het ABP. Verweerder weigerde dit, stellende dat geen sprake was van een nieuw dienstverband volgens het ABP-reglement. Appellant maakte bezwaar tegen deze beslissing, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de vaststelling van het pensioengevend jaarinkomen een privaatrechtelijke aangelegenheid betreft, voortvloeiend uit de pensioenovereenkomst op grond van de Wet Privatisering ABP. Hierdoor is de brief van 28 februari 2012 geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), zodat bezwaar niet openstond.
De Raad vernietigt het besluit van 27 augustus 2012 dat het bezwaar ongegrond verklaarde en verklaart het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de pensioenjaarinkomenbrief is niet-ontvankelijk verklaard vanwege het privaatrechtelijke karakter van de beslissing.