ECLI:NL:CRVB:2013:2364
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar Wajong wegens termijnoverschrijding
Appellant diende een aanvraag in voor een Wajong-uitkering die door het UWV werd afgewezen omdat hij minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. Het bezwaar tegen deze beslissing werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege een overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn, welke niet verschoonbaar werd geacht.
Appellant stelde in hoger beroep dat zijn psychische problemen hem verhinderden tijdig bezwaar te maken en dat er sprake was van nieuwe feiten, namelijk zijn zwakbegaafd intelligentieniveau, dat niet was meegewogen bij het oorspronkelijke besluit. De rechtbank oordeelde echter dat uit het neuropsychologisch onderzoek geen ernstige psychiatrische stoornis bleek die het tijdig indienen van bezwaar onmogelijk maakte en dat het intellectueel functioneren onvoldoende was om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel en wees ook het beroep op nieuwe feiten af omdat het UWV reeds bekend was met de relevante medische en arbeidskundige gegevens. Nieuw onderzoek uit 2012 werd buiten beschouwing gelaten omdat het UWV daarmee niet bekend was bij het nemen van het bestreden besluit. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar bevestigd.