ECLI:NL:CRVB:2013:2443
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- E.J.M. Heijs
- G.F. Walgemoed
- Rechtspraak.nl
Beoordeling plaatsing ambtenaar in passende functie na herindeling gemeente
Appellant was sinds 1990 werkzaam bij de voormalige gemeente Maarssen en werd na de herindeling van gemeenten geplaatst in een nieuwe functie op schaal 11, terwijl hij meende recht te hebben op een functie op schaal 12. Het college had bij het besluit van 11 maart 2011 appellant geplaatst in een functie die volgens het sociaal statuut passend was, maar appellant stelde dat hij op grond van het principe “mens volgt werk” in de hogere schaal geplaatst had moeten worden.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege een motiveringsgebrek, maar handhaafde de rechtsgevolgen. In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt en voerde aan dat hij feitelijk de werkzaamheden van de hogere functie verrichtte en dat twee projectleiders ten onrechte in die functie waren geplaatst.
De Raad oordeelde dat de oude en nieuwe functie wezenlijk van elkaar verschillen, onder meer door taken als beleidsontwikkeling en vertegenwoordiging in bezwaar en beroep, die niet in de oude functie voorkwamen. De Raad stelde vast dat het college een beoordelingsvrijheid heeft bij de geschiktheid en dat appellant terecht niet in de hogere functie is geplaatst. Ook was er geen grond voor plaatsing als boventallig in die functie.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep van appellant wordt afgewezen; plaatsing in functie op schaal 11 blijft gehandhaafd.