ECLI:NL:CRVB:2013:2604
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht afgewezen
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald. Appellant stelde in verzet dat hij geen geld had en dat het vanuit Marokko niet mogelijk was geld naar Nederland te sturen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant in zijn verzet geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die konden leiden tot het oordeel dat hij niet in verzuim was geweest met betrekking tot de betaling van het griffierecht. Bovendien had appellant de Raad niet tijdig geïnformeerd over eventuele betalingsproblemen.
Daarom verklaarde de Raad het verzet ongegrond en wees een veroordeling in de proceskosten van het verzet af. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 22 november 2013.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.