ECLI:NL:CRVB:2013:2699
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- K. Wentholt
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens ontheffing inburgeringsplicht
Appellante was door het college van burgemeester en wethouders van Leiden verplicht gesteld het inburgeringsexamen te behalen voor 25 mei 2014, zonder ontheffing op medische gronden. Tegen dit besluit maakte zij bezwaar, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Het college nam vervolgens op 18 oktober 2011 een nieuw besluit waarbij alsnog ontheffing werd verleend wegens moeilijk leerbaarheid en psychische en lichamelijke beperkingen van appellante. Hierdoor werd het hoger beroep ingetrokken met een vordering tot proceskostenvergoeding.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college materieel aan de bezwaren tegemoet was gekomen en veroordeelde het college tot betaling van de proceskosten in hoger beroep van €944,-. De vergoeding van het griffierecht kan appellante rechtstreeks bij het college vorderen.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van €944,- aan proceskosten aan appellante.