ECLI:NL:CRVB:2013:2740
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering aanvullende bijstand wegens niet gemeld pensioen
Appellant ontving vanaf 2002 aanvullende bijstand naast zijn AOW-pensioen. In 2011 ontdekte de Sociale Verzekeringsbank (Svb) dat appellant een pensioen van Aegon ontvangt dat niet was gemeld. De Svb trok de aanvullende bijstand met terugwerkende kracht in en vorderde de ten onrechte ontvangen bedragen terug.
Appellanten voerden aan dat zij de gemeente Gennep hadden geïnformeerd over het pensioen en dat de Svb haar recht op intrekking had verspeeld door langdurig geen controle uit te oefenen. Ook werd gesteld dat de Svb verplicht was periodiek inlichtingen in te winnen bij pensioenfondsen.
De Raad oordeelde dat appellanten hun inlichtingenplicht hadden geschonden omdat het pensioen niet was gemeld aan de Svb. De stelling dat de Svb haar bevoegdheid had verspeeld werd verworpen, evenals het beroep op artikel 64 WWB Pro. De Svb was bevoegd de bijstand in te trekken en terug te vorderen over de periode vanaf 25 april 2002 tot 12 juli 2011.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt ongegrond verklaard en intrekking en terugvordering van aanvullende bijstand bevestigd.