ECLI:NL:CRVB:2013:2852
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- W.F. Claessens
- W.H. Bel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bijstandsuitkering en co-ouderschap bij vaststelling WWB-norm
Appellant vroeg bijstand aan op basis van de Wet werk en bijstand (WWB) met terugwerkende kracht vanaf 13 oktober 2009, nadat zijn WW-uitkering was beëindigd. Hij stelde dat zijn dochter volgens een co-ouderschapsregeling bij hem verbleef, waardoor een hogere bijstandsnorm zou moeten gelden. Het college van burgemeester en wethouders van Almere kende bijstand toe volgens de norm voor een alleenstaande en stelde dat appellant onvoldoende bewijs had geleverd van een vast en structureel patroon van co-ouderschap.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit over de ingangsdatum van de bijstand gegrond maar oordeelde dat appellant onvoldoende onderbouwde dat bijstand met terugwerkende kracht moest worden verleend. Tegen het besluit over de hoogte van de bijstand werd het beroep ongegrond verklaard. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat zijn dochter in de beoordelingsperiode volgens een vast en structureel patroon op basis van co-ouderschap of omgangsregeling bij hem verbleef. Diverse verklaringen over het aantal dagen van verblijf verschilden en er waren geen duidelijke afspraken die een co-ouderschap bevestigen. Ook andere indicaties, zoals registratie bij instanties, ontbraken. Daarom was het college terecht uitgegaan van de norm voor een alleenstaande bij de vaststelling van de bijstand.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank over de ingangsdatum en vernietigde de uitspraak over het besluit van 11 maart 2011. Het beroep tegen dat besluit werd ongegrond verklaard. De Raad bepaalde tevens dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.
Uitkomst: Appellant krijgt geen hogere bijstandsnorm toegewezen wegens onvoldoende bewijs van co-ouderschap en bijstand wordt toegekend vanaf de datum van aanvraag.