Uitspraak
Griffier: T.A. Meijering
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving sinds 2003 bijstand als alleenstaande op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). In 2010 trok het college de bijstand per 1 juli 2010 in vanwege het niet reageren van appellant op verzoeken om gegevens. Dit intrekkingsbesluit is onherroepelijk omdat er geen rechtsmiddelen tegen zijn ingesteld.
In mei 2011 vroeg appellant opnieuw bijstand aan, welke het college vanaf 25 mei 2011 toekende. Het bezwaar tegen deze toekenning werd ongegrond verklaard en de rechtbank bevestigde dit besluit. Appellant stelde in hoger beroep dat het college terughoudender had moeten zijn bij het intrekken van de bijstand in 2010, gezien zijn lichamelijke en psychische klachten, en dat het college nader onderzoek had moeten doen naar zijn niet-reageren.
De Raad oordeelde dat het intrekkingsbesluit uit 2010 in rechte vaststaat en dat het hoger beroep tegen het bestreden besluit, de toekenning van bijstand vanaf 2011, geen rechtsmiddel biedt om het eerdere intrekkingsbesluit of de gevolgen daarvan te beoordelen. Het verzoek om schadevergoeding wegens verlies van woning en inboedel werd daarom afgewezen. Ook werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek om schadevergoeding wordt niet toegewezen.