ECLI:NL:CRVB:2013:868
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet tijdige betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Appellante stelde verzet in tegen deze beslissing, stellende dat zij geen nota of aangetekende brief had ontvangen en dat deze mogelijk aan een verkeerd adres waren verzonden.
De Raad stelde vast dat de nota en de aangetekende brief correct naar het adres van appellante waren verzonden en dat deze niet retour waren ontvangen. Volgens informatie van PostNL was de brief van 13 december 2012 op 14 december 2012 afgeleverd op het adres van appellante. Bovendien had appellante haar gemachtigde op 27 december 2012 gemachtigd en waren de gronden van het hoger beroep ingediend.
De Raad oordeelde dat het op de weg van appellante lag om haar gemachtigde te informeren over de ontvangen brieven met betrekking tot het griffierecht. Omdat appellante dit kennelijk niet heeft gedaan, kon niet worden geoordeeld dat zij niet in verzuim was. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard. De Raad zag geen aanleiding om appellante te veroordelen in de proceskosten van het verzet.
Uitkomst: Het verzet van appellante wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.