Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen het besluit van 30 september 2011 ongegrond;
- bepaalt dat het Uwv aan appellant het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 115,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant werd met ingang van 6 september 2010 in aanmerking gebracht voor een WW-uitkering. Het Uwv herzag deze uitkering per 9 februari 2011 vanwege werkzaamheden vanaf 29 september 2010 en vorderde een bedrag van € 2.371,40 terug als onverschuldigd betaald. Na bezwaar en een eerdere uitspraak van de rechtbank die het bezwaar gegrond verklaarde, handhaafde het Uwv het besluit opnieuw. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij de berekening van het terug te vorderen bedrag aannemelijk achtte en stelde dat het Uwv verplicht was tot terugvordering.
In hoger beroep stelde appellant dat de rechtbank niet alle beroepsgronden had beoordeeld en dat het Uwv hem benadeelde door het niet corrigeren van een onjuiste jaaropgave, wat zijn recht op een advocaat en een eerlijk proces zou frustreren. De Centrale Raad constateerde echter dat de rechtbank het onderzoek ter zitting had gesloten en nadere correspondentie niet had betrokken, wat in strijd is met de Algemene wet bestuursrecht. Hierdoor werd de uitspraak vernietigd.
De Raad oordeelde dat de rechtbank de beroepsgronden wel degelijk had besproken en dat de overige aangevoerde gronden niet relevant waren voor de herziening en terugvordering van de WW-uitkering. De zaak werd zonder terugverwijzing afgedaan, het beroep tegen het bestreden besluit werd ongegrond verklaard en het betaalde griffierecht werd aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot terugvordering van de WW-uitkering wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.