ECLI:NL:CRVB:2013:BY8022
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging opschorting aanvullende bijstand wegens niet melden invalidenuitkering en buitenlandse bankrekening
Appellante ontving vanaf 1996 aanvullende bijstand naast haar onvolledige ouderdomspensioen. De Sociale verzekeringsbank (Svb) ontdekte dat appellante een invalidenuitkering uit Portugal ontving en een Portugese bankrekening had, maar appellante had dit niet gemeld.
De Svb verzocht appellante meerdere malen om bewijsstukken van de invalidenuitkering te overleggen. Na uitblijven van deze gegevens schortte de Svb de bijstand op met ingang van 1 juli 2010. Appellante maakte bezwaar, maar dit werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellante gehouden was de Svb te informeren.
In hoger beroep voerde appellante aan dat de Svb op de hoogte was van de invalidenuitkering en dat zij met een medewerker had gesproken. De Raad oordeelde echter dat dit niet voldoende was en dat appellante in verzuim was om de benodigde gegevens te verstrekken.
De Raad bevestigde daarom het besluit tot opschorting van de bijstand en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De opschorting van de aanvullende bijstand wegens het niet melden van de invalidenuitkering en Portugese bankrekening wordt bevestigd.