ECLI:NL:CRVB:2013:BY8120
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stelling bijstandsaanvraag wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellant diende op 28 september 2010 een aanvraag om bijstand in en ontving voorschotten wegens broodnood en een renteloze geldlening. De klantmanager verzocht appellant meerdere malen om aanvullende gegevens, waaronder bankafschriften, binnen gestelde termijnen aan te leveren. Hoewel appellant om verlenging vroeg, heeft hij niet tijdig de gevraagde gegevens verstrekt en geen tijdige verlenging van de hersteltermijn aangevraagd.
Het college stelde de aanvraag op 9 november 2010 buiten behandeling en vorderde de verleende voorschotten terug. Appellant voerde aan dat hij tijdens een gesprek op 28 oktober 2010 had aangegeven dat het nog twee weken zou duren om de bankgegevens te verkrijgen en dat het college onzorgvuldig had gehandeld, onder meer door verkeerd geadresseerde brieven en slechte bereikbaarheid van klantmanagers.
De Raad oordeelde dat het college terecht de aanvraag buiten behandeling stelde omdat de gevraagde gegevens noodzakelijk waren voor beoordeling en appellant deze niet tijdig had verstrekt. Het verzoek om verlenging tijdens het gesprek was niet aannemelijk en niet tijdig kenbaar gemaakt. De aangevoerde onzorgvuldigheden van het college waren niet relevant voor de besluitvorming.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank Rotterdam dat de aanvraag buiten behandeling kon worden gesteld en de terugvordering van voorschotten rechtmatig was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de bestreden besluiten werden bekrachtigd.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt buiten behandeling gesteld en de verleende voorschotten worden teruggevorderd.