ECLI:NL:CRVB:2013:BY8203
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht afgewezen
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald.
Appellante stelde in verzet dat zij het griffierecht contant had voldaan bij brief van 14 maart 2012, maar de Raad ontving geen dergelijke brief en vond ook geen betaling terug in de financiële administratie. De Raad verzocht appellante om navraag te doen bij het postbedrijf in Marokko, waarop zij aangaf bereid te zijn het griffierecht alsnog te betalen en vroeg om een nieuwe acceptgiro.
De Raad oordeelde dat het wettelijke stelsel geen ruimte biedt voor het gunnen van een nieuwe betalingstermijn en dat appellante geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die de eerdere beslissing onjuist maken. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werden geen proceskosten aan appellante opgelegd.
Uitkomst: Het verzet van appellante wordt ongegrond verklaard wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht.