ECLI:NL:CRVB:2013:BY9839
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WGA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant had een WGA-loonaanvullingsuitkering wegens rugklachten en een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Het UWV stelde bij besluit van 7 juli 2010 vast dat appellant per 8 september 2010 minder dan 35% arbeidsongeschikt was en trok de uitkering in. Appellant maakte bezwaar en stelde dat zijn rugklachten waren onderschat en dat hij de voorgehouden functies niet kon uitoefenen.
De bezwaarverzekeringsarts schakelde orthopedisch chirurg Konings in voor expertise. Konings adviseerde dat appellant in beweging moest blijven en geen noodzaak had om te liggen. De FML werd aangepast met lichte beperkingen ten aanzien van lopen, zitten en staan. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan dat de voorgehouden functies ongeschikt waren vanwege werkplekgebondenheid en beperkte houdingsverandering. De Raad overwoog dat de beperkingen medisch goed onderbouwd zijn en de functies passend. Het hoger beroep werd verworpen en de intrekking van de uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de WGA-uitkering bevestigd.