ECLI:NL:CRVB:2013:BY9856
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor aanschaf caravan en auto wegens niet-noodzakelijkheid
Appellant heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de aanschaf van een caravan en een bedrijfs- en privéauto, met het oog op het volgen van een opleiding en het starten van een eigen bedrijf. Het dagelijks bestuur heeft deze aanvragen afgewezen omdat de kosten niet noodzakelijk worden geacht, mede omdat appellant vrijgesteld is van arbeidsverplichtingen en niet als startende ondernemer in de prefase wordt aangemerkt.
De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen deze besluiten ongegrond verklaard, waarbij is overwogen dat appellant onvoldoende heeft aangetoond dat de opleiding en het reizen daartoe noodzakelijk zijn vanuit het perspectief van de WWB. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat de aanschaf van de caravan en auto's noodzakelijk is voor de opleiding en bedrijfsuitoefening.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank volledig en voegt toe dat appellant geen bewijs heeft geleverd dat hij een startende ondernemer in de prefase is voor wie een bedrijfsauto noodzakelijk is. Bovendien is de keuze om een opleiding te volgen en als zelfstandige te starten vrijwillig, waardoor extra kosten voor eigen rekening blijven.
Het verzoek van het dagelijks bestuur om appellant te veroordelen wegens kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht wordt afgewezen, omdat niet vooraf kon worden vastgesteld dat het beroep kansloos was. De Raad bevestigt derhalve de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bijzondere bijstand wordt bevestigd.