ECLI:NL:CRVB:2013:BZ0240
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- R. Kooper
- B. Barentsen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens ernstig plichtsverzuim door ontvreemding bedrijfskleding
Appellant is ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim, namelijk het stelen van bedrijfskleding en andere goederen van zijn werkgever. Hij was eerder gewaarschuwd en erkende een deel van de diefstal. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en handhaafde het ontslagbesluit.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het ontslag onredelijk was en dat een deel van de beschuldigingen niet bewezen was. Ook stelde hij dat het onderzoek door het recherchebureau onzorgvuldig was uitgevoerd. De Raad overwoog dat het plichtsverzuim vaststaat, aan appellant kan worden toegerekend en dat het ontslag niet onevenredig is gezien de ernst van het vergrijp en zijn functie waarbij vertrouwen essentieel is.
De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank, benadrukte de voorgeschiedenis en het feit dat appellant een gewaarschuwd man was. De ernstige gevolgen van het ontslag worden erkend, maar wegen niet op tegen het gepleegde plichtsverzuim. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en het hoger beroep verworpen.