ECLI:NL:CRVB:2013:BZ0917
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening voor badstoeltje en adequate huisvesting
Verzoekster, een minderjarige met psychomotore retardatie en multiple dysmorfieën, verblijft met haar gezin op een gezinsopvanglocatie (GOL) te Katwijk vanwege een vrijheidsbeperkende maatregel. Het college van burgemeester en wethouders van Katwijk wees haar aanvragen af voor een badstoeltje en adequate huisvesting op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit tot afwijzing van het badstoeltje niet-ontvankelijk en het beroep tegen de afwijzing van de huisvesting ongegrond. Verzoekster stelde hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om adequate opvang te realiseren.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster een voldoende spoedeisend belang had, maar dat de opvangvoorziening via de GOL de internationale verplichtingen van de Staat vervult. De huisvesting op de GOL is niet adequaat volgens verzoekster, maar zij moet zich daarvoor tot de Staat wenden en niet via de Wmo tot het college. Zolang zij gebruik kan maken van de GOL is er geen noodzaak tot aanvullende opvang op grond van de Wmo.
Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen zonder zitting en zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening voor een badstoeltje en adequate huisvesting wordt afgewezen.