ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1183
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering wegens niet-zwangerschapsgerelateerde arbeidsongeschiktheid
Appellante, werkzaam als schoenenverkoopster, ontving een uitkering op grond van de Wet Arbeid en Zorg (WAZO) vanwege zwangerschap en bevalling. Na afloop hiervan vroeg zij een Ziektewetuitkering aan wegens zwangerschapsgerelateerde klachten. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) stelde echter vast dat haar arbeidsongeschiktheid niet gerelateerd was aan zwangerschap of bevalling, gebaseerd op een rapport van een bezwaarverzekeringsarts.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, omdat zij geen medische gegevens had overgelegd die een verband tussen haar nieraandoening (IgA-nefropathie) en haar zwangerschap konden aantonen. In hoger beroep bestreed appellante deze conclusie, stellende dat haar ziekte zich voor het eerst tijdens de zwangerschap had geopenbaard en dat de oorzaak van IgA-nefropathie onbekend is.
De Raad volgde het standpunt van het Uwv en de bezwaarverzekeringsarts, omdat de beschikbare medische informatie onvoldoende bewijs leverde dat de arbeidsongeschiktheid door de zwangerschap was veroorzaakt. Op grond van artikel 29a, vierde lid, van de Ziektewet heeft zij daardoor geen recht op ziekengeld. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de arbeidsongeschiktheid van appellante niet gerelateerd is aan zwangerschap, waardoor geen recht op Ziektewetuitkering bestaat.