ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1322
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks betwisting medische en arbeidskundige grondslag
Appellant, die sinds 1996 een WAO-uitkering ontving en sinds 1998 in Turkije verblijft, werd geconfronteerd met intrekking van zijn uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
Het UWV baseerde dit besluit op uitgebreid medisch en arbeidskundig onderzoek, waaronder rapporten van specialisten en een bezwaarverzekeringsarts die de functionele mogelijkhedenlijst (FML) bevestigde. Appellant voerde aan dat zijn psychiatrische klachten onvoldoende waren meegewogen en dat de geduide functies niet passend waren vanwege zijn beperkte beheersing van de Nederlandse taal.
De rechtbank en vervolgens de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat het medisch onderzoek zorgvuldig en deugdelijke arbeidskundige beoordeling hadden plaatsgevonden. De Raad vond geen aanleiding tot benoeming van een onafhankelijke deskundige en concludeerde dat appellant in staat was de eenvoudige functies uit te oefenen. Ook het verblijf in Turkije stond de intrekking niet in de weg.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de eerdere uitspraak van de rechtbank, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.