ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1759
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig onderhoudsmonteur computers, meldde zich ziek vanwege psychische klachten en vroeg op 7 februari 2010 een WIA-uitkering aan. Een verzekeringsarts stelde op 19 februari 2010 vast dat appellant slechts 5% arbeidsongeschikt was, waarna het UWV de uitkering weigerde per 18 mei 2010. De bezwaarprocedure leidde tot handhaving van dit besluit.
De rechtbank ’s-Gravenhage verklaarde het beroep ongegrond, oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat toelating tot de WSW-doelgroep geen doorslaggevende betekenis heeft voor de WIA-beoordeling. De Raad concludeert in hoger beroep dat de medische beperkingen vooral gebaseerd zijn op door appellant aangegeven klachten en dat de arbeidskundige beoordeling passend is.
De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt de aangevallen uitspraak. Tevens wordt het verzoek tot vergoeding van schade afgewezen. Er zijn geen gronden voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.