ECLI:NL:CRVB:2013:BZ1779
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ZW-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek door UWV
Appellante ontving een WAO-uitkering die per 25 juni 2007 werd ingetrokken omdat zij met de voorgelegde functies een inkomen kon verdienen dat een verlies aan verdiencapaciteit van minder dan 15% betekende. Op 4 januari 2011 meldde zij zich ziek vanwege schouderklachten, waarna het UWV besloot haar ziekengeld te weigeren omdat zij niet ongeschikt werd geacht voor haar arbeid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, waarbij het medisch onderzoek van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts als zorgvuldig werd beoordeeld. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar rug-, schouder- en psychische klachten onvoldoende waren meegewogen.
De Raad oordeelde dat het UWV op verantwoorde wijze had vastgesteld dat appellante met inachtneming van haar beperkingen in staat was tot arbeid, met name de functie van stikster, waarbij rekening was gehouden met de belastbaarheid en functionele mogelijkheden. De aanvullende informatie van appellante betrof klachten die reeds bekend waren of niet relevant waren voor de datum in geschil.
Hierdoor werd het hoger beroep verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Tevens wees de Raad het verzoek tot vergoeding van schade af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van de ZW-uitkering bevestigd.