ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4653
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- A.I. van der Kris
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over toekenning IVA-uitkering met instandhouding rechtsgevolgen
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Roermond over de toekenning van een WIA-uitkering en de overgang naar een IVA-uitkering. Na een tussenuitspraak heeft het UWV aanvullende medische informatie opgevraagd bij diverse medische instellingen en artsen, die door de bezwaarverzekeringsarts zijn geanalyseerd.
De bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat de oorspronkelijke WGA-uitkering per 2 oktober 2009 terecht was toegekend en dat pas per 1 november 2011 recht bestond op een IVA-uitkering. Het UWV heeft dit standpunt gevolgd en de IVA-uitkering per die datum toegekend. Appellant stelde dat de IVA-uitkering direct per 2 oktober 2009 had moeten ingaan.
De Raad stelt vast dat de medische stukken geen aanwijzingen bevatten voor volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid op de datum in geding. Daarom vernietigt de Raad het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit geheel in stand conform artikel 8:72, derde lid, van de Awb. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.