ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4734
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verzoek om voorlopige voorziening wegens ingetrokken hoger beroep
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage van 19 december 2012. Verzoeker vroeg de Centrale Raad van Beroep om een voorlopige voorziening te treffen in deze zaak.
Echter heeft het Uwv het hoger beroep op 19 februari 2013 ingetrokken en op 21 februari 2013 een nieuw besluit genomen. Hierdoor was niet langer voldaan aan de voorwaarde dat er een hoger beroep aanhangig moest zijn om een voorlopige voorziening te kunnen treffen.
De voorzieningenrechter overwoog dat hoewel het voldoende is dat er op enig moment hoger beroep is ingesteld, dit hoger beroep ook daadwerkelijk aanhangig moet zijn op het moment van het verzoek. Omdat dat niet het geval was, werd het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk verklaard.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door M. Greebe, in aanwezigheid van griffier K.E. Haan, op 11 maart 2013.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ingetrokken hoger beroep.