ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4846

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
20 maart 2013
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
12-5372 AWBZ-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55, vijfde lid AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet ongegrond wegens niet tijdig indienen hogerberoepschrift in AWBZ-zaken

Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Leeuwarden, maar dit hogerberoepschrift is niet tijdig ingediend. De uiterste datum voor indiening was 20 september 2012, terwijl het beroepschrift pas op 2 oktober 2012 bij de Raad is ontvangen. Appellante gaf aan dat zij ten onrechte dacht dat de rechtbank in haar voordeel had beslist, mede door de moeilijk leesbare uitspraak.

De Raad stelt vast dat de uitspraak van de rechtbank uitdrukkelijk vermeldde dat het beroep ongegrond werd verklaard. Appellante had zich moeten wenden tot een rechtsbijstandverlener indien de uitspraak onduidelijk was. De gevolgen van het niet correct lezen van de uitspraak zijn voor haar risico.

Gezien deze omstandigheden verklaart de Raad het verzet ongegrond. Van proceskostenveroordeling is geen sprake. Wel wordt het betaalde griffierecht van €115,- aan appellante terugbetaald vanwege de bijzondere omstandigheden.

Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige indiening van het hogerberoepschrift.

Uitspraak

12/5372 AWBZ-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Leeuwarden van 9 augustus 2012, 11/2479 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B.] (appellante)
Zorgkantoor Friesland (Zorgkantoor)
Datum uitspraak 20 maart 2013.
PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 21 november 2012 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 21 november 2012 heeft appellante verzet gedaan.
Het verzet is behandeld ter zitting van 5 maart 2013. Appellante is verschenen. Het Zorgkantoor is niet verschenen.
OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 21 november 2012 berust op de overwegingen dat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.
Vaststaat dat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend. De laatste dag waarop tijdig een hogerberoepschrift kon worden ingediend, was 20 september 2012. Het hogerberoepschrift is gedateerd 26 september 2012. De enveloppe waarin het ter post is bezorgd, draagt het poststempel 1 oktober 2012. Het is op 2 oktober 2012 bij de Raad ontvangen.
Appellante heeft ter zitting aangevoerd dat zij tijdens de behandeling ter zitting bij de rechtbank de indruk heeft gekregen dat de rechter in haar voordeel zou beslissen. Na ontvangst van de uitspraak was appellante, mede doordat de uitspraak voor haar moeilijk leesbaar was, in de veronderstelling dat zij de zaak gewonnen had. Pas nadat appellante een factuur van het Zorgkantoor had ontvangen, was het haar duidelijk dat de rechtbank niet in haar voordeel heeft beslist en heeft zij alsnog hoger beroep ingesteld.
De Raad stelt vast dat in de aangevallen uitspraak uitdrukkelijk staat vermeld dat het beroep ongegrond wordt verklaard. Het had op de weg van appellante gelegen zich te wenden tot een (rechts)hulpverlener als de uitspraak van de rechtbank in voor haar niet begrijpelijke taal was gesteld. De gevolgen van het niet correct lezen van de uitspraak komen voor risico van appellante.
Gelet op het voorgaande dient het verzet ongegrond te worden verklaard.
Gelet op de bijzondere omstandigheden van het geval zal het betaalde griffierecht
(€ 115,-) door de griffier van de Raad aan appellante worden terugbetaald.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet ziet de Raad geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 20 maart 2013.
(getekend) T.G.M. Simons
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven
GdJ