ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5265
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing beroep tegen terugvordering reisvoorziening wegens overschrijding bijverdiengrens Wajong-uitkering
Appellante ontving in 2007 een Wajong-uitkering en overschreed daarmee de bijverdiengrens van €10.630,74 met een inkomen van €11.891,83. Hierdoor stelde de Minister een vordering vast voor de reisvoorziening wegens meerinkomen. Appellante maakte bezwaar en beriep zich op de hardheidsclausule, stellende dat zij haar Wajong-uitkering niet kon beëindigen vanwege studiefinanciering.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellante de mogelijkheid had om haar studiefinanciering met terugwerkende kracht stop te zetten vóór 1 juli 2008, maar hiervan geen gebruik maakte. In hoger beroep herhaalde appellante dat het UWV geen reden zag om haar Wajong-uitkering te beëindigen vanwege studiefinanciering.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante onvoldoende heeft gemotiveerd waarom zij geen gebruik maakte van de mogelijkheid tot stopzetting van studiefinanciering. De overschrijding van de bijverdiengrens staat vast en de rechtbank heeft het beroep terecht ongegrond verklaard. Het hoger beroep wordt verworpen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de terugvordering van de reisvoorziening blijft gehandhaafd.