ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5629
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstand wegens onvoldoende motivering financiële gegevens
Appellant diende op 4 mei 2009 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven. Het college vroeg meerdere keren om aanvullende financiële gegevens over de periode vanaf 1 januari 2007, maar appellant kon deze niet volledig overleggen. Het college stelde de aanvraag aanvankelijk buiten behandeling, maar verklaarde later het bezwaar gegrond en wees de aanvraag inhoudelijk af met terugvordering van een voorschot.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. Hij stelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom financiële gegevens over meer dan twee kalenderjaren noodzakelijk waren en dat hem geen hersteltermijn was verleend, wat tot procedurele vertraging had geleid.
De Raad oordeelde dat het college inderdaad pas in het verweerschrift in beroep de noodzaak van de langere periode motiveerde, waardoor het besluit niet deugdelijk was gemotiveerd en vernietigd moest worden. De Raad liet echter de rechtsgevolgen van het besluit in stand, omdat appellant onvoldoende inzicht had gegeven in zijn financiële situatie sinds 1 januari 2007. Het college werd veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.