ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6306
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M. Greebe
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onvoorwaardelijk ontslag wegens bewust frauduleus plichtsverzuim politiefunctionaris
Appellant, sinds 1996 werkzaam bij de politie en sinds 2008 als tactisch rechercheur bij de Dienst Nationale Recherche, werd onvoorwaardelijk ontslagen wegens bewust frauduleus handelen. Hij had een beschikking over een boete voor een snelheidsovertreding met een dienstvoertuig per fax toegezonden aan de regiopolitie met de intentie deze te laten seponeren door een memo over de mededeling van zijn leidinggevende te plakken en onleesbaar te maken.
Na een disciplinaire procedure, waarbij appellant in de gelegenheid werd gesteld zijn zienswijze te geven, legde de korpschef het ontslag op en handhaafde dit na bezwaar. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betwistte appellant de juistheid van deze uitspraak, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel.
De Raad oordeelde dat het handelen van appellant een zeer ernstige vorm van plichtsverzuim is die zijn betrouwbaarheid en integriteit aantast. De korpschef handelde bevoegd en het ontslag is niet onevenredig, mede gelet op de voorbeeldfunctie van de politiefunctionaris en het belang van integriteit binnen de organisatie. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde wegens gebrek aan concrete vergelijkbare gevallen.
De overige aan appellant verweten gedragingen behoefden geen beoordeling meer. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijk ontslag van appellant wegens bewust frauduleus plichtsverzuim wordt bevestigd.