ECLI:NL:RBROT:2011:BU3210
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.G.L. de Vette
- E.R. Houweling
- E.A. Poppe-Gielesen
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens ernstig plichtsverzuim van rechercheur KLPD na onrechtmatig seponeren bekeuring en misbruik dienstauto
Eiser, een rechercheur bij het KLPD, werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim. Dit volgde op meerdere incidenten, waaronder het doelbewust laten seponeren van een snelheidsovertreding door het overschrijven van een aantekening van zijn leidinggevende met een post-it, het onrechtmatig privégebruik van een dienstauto, het veroorzaken van een aanrijding met die dienstauto buiten diensttijd, en onjuiste urenverantwoording.
De rechtbank stelde vast dat eiser bewust handelde tegen expliciete instructies van zijn leidinggevende in, wat kwalificeert als ernstig plichtsverzuim. De gedragingen werden voldoende vastgesteld aan de hand van onderzoeken van het Bureau Veiligheid & Integriteit en waren toerekenbaar. Eiser voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie had afgezien van strafvervolging en beriep zich op internationale mensenrechten, maar dit weerhield de rechtbank niet van het opleggen van een disciplinaire maatregel.
De rechtbank oordeelde dat de disciplinaire straf van ontslag evenredig was gezien de aard van het verzuim, de functie van eiser waarbij betrouwbaarheid en integriteit zwaar wegen, en het feit dat het niet om een eenmalig incident ging. De gevolgen voor eiser werden meegewogen, maar wogen niet op tegen het belang van het behoud van integriteit binnen het KLPD. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt ongegrond verklaard.