ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7111
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit dagloon en toekenning schadevergoeding wegens vertraagde uitbetaling WW-uitkering
De zaak betreft een hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (appellant) tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam over de vaststelling van het dagloon waarop een WW-uitkering is gebaseerd.
Appellant had aanvankelijk het dagloon vastgesteld op € 99,27, later gewijzigd naar € 113,20 en uiteindelijk naar € 117,37 na bezwaar van betrokkene. De Raad oordeelt dat het besluit van 18 december 2012 (besluit 2) niet volledig tegemoet kwam aan de bezwaren en vernietigt dit besluit, terwijl het beroep tegen de eerdere uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Verder wordt vastgesteld dat betrokkene schade heeft geleden door de vertraagde uitbetaling van een deel van de uitkering, waarvoor appellant wordt veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente. Ook wordt appellant veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 1.652,- en griffierecht van € 448,-. Het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten met toestemming van partijen.
Uitkomst: Het besluit tot vaststelling van het dagloon wordt vernietigd en appellant wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.