ECLI:NL:CRVB:2013:BZ7877
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Ingangsdatum toeslag en tegemoetkoming op grond van de Wubo bij herhaalde aanvraag
Appellant diende in augustus 2003 een aanvraag in voor erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een toeslag en voorzieningen op grond van de Wubo. Deze aanvraag werd in 2004 afgewezen wegens onvoldoende bewijs van blijvende invaliditeit door oorlogsgeweld. Na een nieuwe aanvraag in augustus 2009 werd de toeslag en tegemoetkoming toegekend met ingang van die datum. Appellant betoogde dat de toekenning op een eerdere datum had moeten ingaan vanwege gebrekkige besluitvorming in 2004 en verwees naar een medisch rapport uit 2009.
De Raad overwoog dat de hoofdregel van artikel 40 Wubo Pro bepaalt dat de toeslag ingaat op de datum van de aanvraag en dat verweerder terecht geen afwijking heeft gemaakt. Het eerdere besluit berustte niet op een onjuiste medische grondslag; de gezondheidstoestand van appellant was vermoedelijk verslechterd. De Raad verwierp het beroep.
Daarnaast constateerde de Raad dat de redelijke termijn voor de bezwaar- en beroepsprocedure was overschreden. De bezwaarfase duurde langer dan een half jaar en de beroepsfase langer dan twee jaar, wat de Raad vermoedt als overschrijding. Het onderzoek wordt heropend voor een nadere uitspraak over schadevergoeding wegens deze termijnoverschrijding.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het onderzoek wordt heropend voor een nadere uitspraak over schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.