ECLI:NL:CRVB:2013:BZ8487
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellant ontvangt sinds 2000 bijstand en heeft handel in motorvoertuigen verricht zonder dit te melden, wat een schending van de inlichtingenverplichting inhoudt. Het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden trok de bijstand in voor een periode van 21 maanden en vorderde de kosten terug.
Na bezwaar en een eerdere uitspraak van de rechtbank werd de intrekking en terugvordering beperkt en aangepast. Het college nam een nieuw besluit op bezwaar waarin de intrekking en terugvordering verder werden beperkt.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat de beslissing van het Openbaar Ministerie om niet verder te vervolgen meegewogen had moeten worden, maar de Raad oordeelde dat de bestuursrechter een eigen beoordeling maakt en niet gebonden is aan het OM-besluit.
Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd, zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenverplichting.