ECLI:NL:CRVB:2013:CA0048
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schuldig nalatig verklaring voor niet betalen AOW-premie 2005
Appellant is door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) 100% schuldig nalatig verklaard wegens het niet betalen van de premie voor de Algemene Ouderdomswet (AOW) over de periode januari tot en met mei 2005. De Belastingdienst stelde een ambtshalve aanslag vast en meldde dat appellant nalatig was in de betaling.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij in 2005 geen inkomsten in Nederland had genoten en dat hij eind mei 2005 naar Duitsland was verhuisd zonder dit aan Nederlandse instanties te melden. De Raad voor de Rechtspraak oordeelde dat de ambtshalve vastgestelde aanslag en het niet betalen daarvan voldoende bewijs vormen voor schuldig nalatig stellen volgens artikel 18 van Pro de Wet financiering volksverzekeringen (Wfv), zoals dit gold in die periode.
De Raad wees het verweer af dat appellant geen premie verschuldigd zou zijn vanwege zijn verhuizing en inkomsten, mede omdat bezwaar tegen het schuldig nalatig stellen niet kan worden gebaseerd op een vermeende foutieve of te hoge aanslag. De uitspraak van de rechtbank Amsterdam werd daarmee bevestigd en het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de schuldig nalatig verklaring voor het niet betalen van de AOW-premie over januari tot mei 2005.