ECLI:NL:CRVB:2013:CA0446
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding Wajong-uitkering
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het UWV waarbij een Wajong-uitkering werd toegekend. Het bezwaar werd te laat ingediend, waarna het UWV dit bezwaar ongegrond verklaarde. De rechtbank verklaarde het bezwaar vervolgens niet-ontvankelijk wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.
Appellant voerde aan dat zijn psychische gesteldheid hem belemmerde tijdig bezwaar te maken. Hij overhandigde een psychiatrisch rapport en een verklaring van een sociaal raadsvrouw ter onderbouwing. De rechtbank oordeelde echter dat appellant ondanks zijn beperkingen meerdere malen telefonisch contact had gehad met het UWV en in staat was adequaat te reageren.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad stelde vast dat de psychische gesteldheid van appellant niet zodanig ernstig was dat redelijkerwijs niet kon worden geoordeeld dat hij in verzuim was. De verklaring van de sociaal raadsvrouw en het psychiatrisch rapport bevatten geen nieuwe gegevens die tot een ander oordeel zouden leiden.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding; hoger beroep wordt afgewezen.