ECLI:NL:CRVB:2013:CA1401
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.J. Schaap
- W.H. Bel
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Toewijzing woonvoorziening bij verhuizing naar inadequate woning wegens samenwoning
Appellant heeft op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) een aanvraag gedaan voor een traplift en aanpassing van de natte cel in zijn nieuwe woning. Het college wees deze aanvraag af omdat appellant was verhuisd van een adequate naar een inadequate woning zonder voorafgaande toestemming.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat appellant het college de mogelijkheid had ontnomen om een passende oplossing te zoeken. Appellant stelde in hoger beroep dat de verhuizing noodzakelijk was vanwege zijn relatie en dat een verhuizing naar een meer adequate woning financieel en emotioneel niet haalbaar was.
De Raad oordeelde dat de omstandigheden van appellant onder de a-grond van artikel 21 van Pro de Verordening vallen, waarbij samenwoning als belangrijke reden kan gelden. Gezien het compensatiebeginsel in de Wmo en de eigen verantwoordelijkheid van burgers, moet worden beoordeeld of appellant redelijkerwijs zelf een passende oplossing kon vinden. De Raad concludeerde dat dit niet het geval was, mede vanwege het eigendom van de woning door zijn vriendin en de financiële gevolgen van verkoop.
Daarom werd het besluit van het college vernietigd en werd het college opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij de aanvraag alsnog in behandeling wordt genomen. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het college moet de aanvraag voor woningaanpassing opnieuw beoordelen en het eerdere besluit wordt vernietigd.