ECLI:NL:CRVB:2013:CA1940
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- J.S. van der Kolk
- Rechtspraak.nl
Herziening AOW-pensioen wegens onverzekerde periode en woonplaats in Suriname
Appellant, geboren in 1945 in Suriname en sinds 1964 woonachtig in Nederland, heeft een AOW-pensioen aangevraagd. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) kende hem een pensioen toe met een korting van 36% vanwege onverzekerde perioden. Appellant betwistte de periode 1960-1964 toen hij in Suriname woonde en stelde dat hij als Nederlander ook toen verzekerd moest zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het beroep ongegrond verklaarde en vernietigde de besluiten van de Svb. De Raad stelde vast dat de Svb het kortingspercentage handhaafde, maar dat de periode in Suriname niet als verzekerde tijd geldt volgens vaste rechtspraak, omdat onder 'Rijk' het Europese deel wordt verstaan.
De Raad verwierp ook de discriminatieclaims van appellant op grond van woonplaats en ras, verwijzend naar eerdere uitspraken en oordelen van de Commissie Gelijke Behandeling. De Raad stelde vast dat appellant ruim negen jaar niet verzekerd was, wat een korting van 18% op het maximale AOW-pensioen rechtvaardigt. De Raad veroordeelde de Svb tevens tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Appellant krijgt recht op 82% van het maximale AOW-pensioen vanaf maart 2010 met een korting van 18% wegens ruim negen jaar onverzekerdheid.