ECLI:NL:CRVB:2013:CA2951
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling weigering medewerking medisch onderzoek bij Wmo-aanvraag
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor huishoudelijke hulp op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Het college stelde de aanvraag buiten behandeling omdat verzoekster weigerde mee te werken aan een medisch onderzoek en de toestemming voor het opvragen van medische gegevens introk.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond en het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar niet-ontvankelijk. Verzoekster ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelt dat artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet van toepassing is op situaties waarin geen gebreken aan de aanvraag zelf kleven, maar de aanvrager weigert medewerking te verlenen aan een noodzakelijk medisch onderzoek. Het college had de aanvraag inhoudelijk moeten beoordelen in plaats van deze buiten behandeling te stellen.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en wijst de aanvraag af omdat de noodzakelijke medische informatie ontbreekt om de noodzaak van huishoudelijke hulp vast te stellen. Er is geen grond voor een voorlopige voorziening. Het college blijft bereid tot overleg indien verzoekster alsnog meewerkt aan een medisch onderzoek.
Uitkomst: De aanvraag voor huishoudelijke hulp wordt afgewezen vanwege het ontbreken van noodzakelijke medische informatie.