ECLI:NL:CRVB:2013:CA3233
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen toekenning tegemoetkoming onderwijsbijdrage wegens niet-tijdige aanvraag
Appellante vroeg een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (Wtos) voor het schooljaar 2009-2010. Deze aanvraag werd afgewezen omdat zij niet vóór 1 augustus 2010 een aanvraag had ingediend. De Minister had haar wel een basistoelage toegekend met ingang van 1 augustus 2010.
De rechtbank ’s-Gravenhage verklaarde het beroep van appellante tegen deze afwijzing ongegrond omdat zij niet aannemelijk had gemaakt dat zij tijdig een aanvraag had ingediend. Appellante stelde dat zij op 23 december 2009 een aanvraag had ingediend, maar kon dit niet onderbouwen met correspondentie.
In hoger beroep herhaalde appellante dat haar aanvraag tijdig was en wees op haar bijzondere omstandigheden, waaronder rolstoelafhankelijkheid en communicatie via spraakcomputer. De Raad overwoog dat ondanks deze omstandigheden de aanvraag niet tijdig was ontvangen en dat het recht op tegemoetkoming pas ontstaat na een tijdige aanvraag. De hardheidsclausule werd niet toegepast omdat voor eerdere jaren wel tijdig aanvragen waren gedaan.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Hoger beroep afgewezen; geen tegemoetkoming voor schooljaar 2009-2010 wegens niet-tijdige aanvraag.