ECLI:NL:CRVB:2013:CA3828
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van weigering tot verhoging WAO-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering niet te verhogen ondanks haar melding van verslechterde gezondheid met klachten aan rug, handen, polsen en voeten.
De rechtbank heeft het bezwaar ongegrond verklaard na een zorgvuldig verzekeringsgeneeskundig onderzoek, waarbij werd vastgesteld dat de beperkingen zoals opgenomen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 15 mei 2007 nog steeds van toepassing zijn. Ook de bezwaarverzekeringsarts concludeerde dat de medische gegevens geen aanleiding geven tot een hogere mate van arbeidsongeschiktheid.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt en overhandigde zij een brief van psychiaters ter onderbouwing. De Raad volgde het oordeel van de rechtbank dat deze informatie geen aanleiding geeft tot een andere beoordeling. De beperkingen in het psychische vlak zijn reeds in de FML meegenomen. Er is geen reden om het besluit te wijzigen.
De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt de eerdere uitspraak. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit van het UWV om de WAO-uitkering niet te verhogen wordt bevestigd.