ECLI:NL:CRVB:2014:11

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
9 januari 2014
Publicatiedatum
9 januari 2014
Zaaknummer
11-3614 AW-R
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie uitspraak Centrale Raad van Beroep over proceskostenveroordeling

De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat haar uitspraak van 3 oktober 2013 fouten bevatte in overweging 6 en in de beslissing met betrekking tot de proceskostenveroordeling van de stichting. In plaats van het correcte bedrag van € 2.360,- was abusievelijk € 1.888,- vermeld.

Nadat partijen de gelegenheid kregen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen tot rectificatie, maar hiervan geen gebruik maakten, heeft de Raad besloten de vergissingen te herstellen. De tekst in overweging 6 en de beslissing is aangepast om het juiste bedrag van € 2.360,- te vermelden.

De gerectificeerde uitspraak is gekoppeld aan hetzelfde ECLI-nummer als de oorspronkelijke uitspraak en zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl, waarbij de oorspronkelijke uitspraak wordt verwijderd. Deze rectificatie betreft uitsluitend de correctie van het bedrag aan proceskosten en heeft geen invloed op de overige inhoud van de uitspraak.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep heeft de proceskostenveroordeling gecorrigeerd van € 1.888,- naar € 2.360,- in de uitspraak van 3 oktober 2013.

Uitspraak

11/3614 AW-R
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 3 oktober 2013, 11/3614 AW
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Stichting [naam stichting] (stichting)
PROCESVERLOOP
Naar aanleiding van de brief van 9 oktober 2013 van de gemachtigde van appellant,
mr. G. Wind, heeft de Raad vastgesteld dat zijn uitspraak van 3 oktober 2013 in het geding tussen appellant en de stichting kennelijke fouten bevat in overweging 6 en in de beslissing.
De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te rectificeren.
Partijen hebben van die gelegenheid geen gebruik gemaakt.

OVERWEGINGEN

1.
De Raad heeft vastgesteld dat in overweging 6 ten onrechte is vermeld dat de Raad aanleiding ziet de stichting te veroordelen in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, van in totaal een bedrag van € 1.888,-, in plaats van een bedrag van € 2.360,-.
2.
De Raad heeft vastgesteld dat in de beslissing ten onrechte is vermeld dat de stichting wordt veroordeelt in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, van in totaal een bedrag van € 1.888,-, in plaats van een bedrag van € 2.360,-.
3.
De Raad zal de vergissingen herstellen door de uitspraak van 3 oktober 2013 in de hiervoor vermelde zin te rectificeren.
4.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het ECLI-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep
- wijzigt in overweging 6 de tekst “De Raad ziet ten slotte aanleiding de stichting te
veroordelen in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, in totaal een bedrag
van € 1.888,-” in de tekst “De Raad ziet ten slotte aanleiding de stichting te veroordelen in
de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, in totaal een bedrag van
€. 2.360,-”;
- wijzigt in de beslissing de tekst “veroordeelt de stichting in de kosten van appellant in
beroep en hoger beroep tot een bedrag van in totaal € 1.888,-” in de tekst “veroordeelt de
stichting in de kosten van appellant in beroep en hoger beroep tot een bedrag van in totaal
€ 2.360,-”.
Deze uitspraak is gedaan door A. Beuker-Tilstra als voorzitter in tegenwoordigheid van
S.K. Dekker als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 9 januari 2014.
(getekend) A. Beuker-Tilstra
(getekend) S.K. Dekker

HD