ECLI:NL:CRVB:2014:1204
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aanvraag bijstand buiten behandeling gesteld wegens niet tijdig aanleveren gegevens
Appellante heeft op 10 januari 2012 een aanvraag om bijstand ingediend bij het UWV Werkbedrijf en stond ingeschreven op een adres in Rijswijk. De gemeente Rijswijk heeft appellante meerdere malen verzocht om ontbrekende gegevens te verstrekken, onder meer via een herstelbrief van 9 februari 2012 met een uiterste inleverdatum van 17 februari 2012.
Appellante heeft niet binnen deze termijn de gevraagde gegevens aangeleverd. Het college heeft daarom op 27 februari 2012 de aanvraag buiten behandeling gesteld op grond van artikel 4:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Het bezwaar van appellante tegen dit besluit is door het college ongegrond verklaard en de voorzieningenrechter heeft dit bevestigd.
In hoger beroep betwist appellante de ontvangst van de herstelbrief, maar de Raad stelt dat het college aannemelijk heeft gemaakt dat de brief naar het juiste adres is verzonden. Het ligt vervolgens op de weg van appellante om het vermoeden van ontvangst te ontzenuwen, wat zij niet is gelukt. Haar enkele stelling dat zij de brief niet heeft ontvangen is onvoldoende zonder concrete feiten die dit aannemelijk maken.
De Raad concludeert dat het college terecht gebruik heeft gemaakt van de bevoegdheid om de aanvraag buiten behandeling te stellen en bevestigt de eerdere uitspraak. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand werd buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde gegevens en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.