ECLI:NL:CRVB:2014:1307
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste vaststelling arbeidsongeschiktheid en belastbaarheid in WIA-uitkering
Appellante, werkzaam als interieurverzorgster, heeft meerdere keren een WIA-uitkering aangevraagd, die telkens door het UWV werd afgewezen. Na een ziekmelding in 2009 en een aanvraag in 2011 kende het UWV haar een loongerelateerde WGA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 37,14%.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen het bezwaarbesluit van het UWV ongegrond, waarbij zij zich kon verenigen met de medische en arbeidskundige beoordeling. In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunt dat zij volledig arbeidsongeschikt zou moeten zijn.
De Raad stelde vast dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij de verzekeringsarts alle relevante medische gegevens had betrokken en geen aanwijzingen vond voor een andere inschatting van de gezondheidstoestand. Ook de arbeidskundige beoordeling toonde aan dat de belastbaarheid van appellante niet werd overschreden door de voorgehouden functies.
Gezien het ontbreken van nieuwe medische gegevens en de juiste toepassing van de Functionele Mogelijkhedenlijst bevestigde de Raad de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de arbeidsongeschiktheid van 37,14% wordt bevestigd.