ECLI:NL:CRVB:2014:1331
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding ANW-uitkering
Appellante maakte bezwaar tegen de beslissing van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) die haar geen recht gaf op een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene Nabestaandenwet (ANW), omdat haar overleden echtgenoot niet verzekerd was. Dit bezwaar werd echter te laat ingediend.
De Svb verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk vanwege overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, omdat de door appellante aangevoerde redenen voor de termijnoverschrijding onvoldoende waren om deze te verontschuldigen. Appellante stelde in hoger beroep inhoudelijke argumenten en gaf aan analfabeet te zijn en de wet niet te kennen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de overschrijding van de bezwaartermijn niet verschoonbaar was volgens artikel 6:11 Awb Pro. De inhoudelijke beoordeling van het bezwaar kon daarom niet plaatsvinden. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet verschoonbare termijnoverschrijding.