ECLI:NL:CRVB:2014:1383
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- J.J.A. Kooijman
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek objectief feitenonderzoek naar onterechte beschuldiging ambtenaar
Appellant, voormalig groepsleerkracht bij een stichting, verzocht om een objectief feitenonderzoek naar een in 2005 geuite beschuldiging die achteraf onjuist bleek. De stichting wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte. De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat appellant niet in zijn rechtspositie zou zijn geraakt door de afwijzing.
In hoger beroep stelde appellant dat de weigering een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) was, omdat hem onprofessioneel en grensoverschrijdend gedrag werd verweten zonder feitelijk onderzoek. De Raad oordeelde echter dat de weigering niet op rechtsgevolg was gericht en appellant niet rechtstreeks in zijn belangen als ambtenaar raakte.
De Raad verwees naar een eerdere uitspraak waarin de beschuldiging onjuist was bevonden en appellant was gerehabiliteerd. Bovendien verklaarde de stichting dat het rapport met de beschuldigingen onjuist was en van tafel was. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de weigering tot feitenonderzoek geen besluit is dat appellant rechtstreeks in zijn rechtspositie raakt en verklaart het hoger beroep ongegrond.