ECLI:NL:CRVB:2014:1424
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- F. Hoogendijk
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Vermindering bijstand wegens niet-naleving arbeidsinschakelingsverplichtingen deels vernietigd
Appellant ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Gravenhage verlaagde de bijstand met 100% gedurende één maand op twee gronden: het niet verschijnen op een bijeenkomst van het programma Versnelde Dienstverlening (VDV) en het niet gebruiken van een werkaanbod van een uitzendbureau.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak. De Raad oordeelt dat het college niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijeenkomst onderdeel was van een arbeidsinschakelingsvoorziening en dat er geen concreet werkaanbod was. Daarom berusten beide besluiten op ondeugdelijke grondslagen.
De Raad herroept de besluiten en stelt de verlaging van de bijstand vast op 30% gedurende één maand voor beide gedragingen, rekening houdend met de mate van verwijtbaarheid. Tevens veroordeelt de Raad het college tot vergoeding van wettelijke rente en de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De bijstandsverlaging wordt verminderd tot 30% gedurende één maand voor beide besluiten en het college wordt veroordeeld tot schadevergoeding en kostenvergoeding.